Ontwikkelingspulp
Posted Friday, July 4th, 2008 at 12:01 am
Binnenkort heb ik hele blije continenten op mijn conto staan! Als het maar pigment of een handicap heeft, woont in een ontwikkelingsland en het liefst níet in het hinderlijk bezit is van liefhebbende ouders – want dat glijdt niet lekker over de toonbank. Wat is de wereld mooi als je iedereen maar kan helpen om eens op te houden met dat zielige gekoekeloer in de camera. Zouden Novib, Unicef en Terre des Hommes soms auditie houden welk kindje het meest als dat roodharige brutaaltje uit de musical Annie kan kijken met een It’s a hard knock life-blik? Waarschijnlijk wel, afgaand op een gemiddelde billboard die ons vertelt om dit kind te geven. Wij kunnen het kleintje redden, onderwijs laten volgen, een toekomst geven, genezen en/of leren lopen. Financieel dan. Een gironummer met drie identieke cijfers doemt op. Hele arsenalen aan billboards, reclamecampagnes en tv-inzamelingsacties worden er doorheen gejaagd om een moreel appèl te doen, lees: ons schuldgevoel te reanimeren. Natuurlijk doen die guppen auditie, of anders dieren. Geef om dit zeehondje, of jij houdt het doodknuppelen in stand! Tsja, Maarten Luther heeft er voor gewaarschuwd.
Door de wildgroei aan charities is er een CBF-keurmerk in het leven geroepen. Ongeveer 40% van de Nederlanders kent de naam, een aanzienlijk kleiner deel kan er inhoudelijk iets over kwijt. Daar komt bij dat deze waakhond ongeveer even onmachtig is als de Dalai Lama ten opzichte van China. We zweven ons er wel doorheen dus. Een goed voorbeeld is de zogeheten 25 procent-norm, die gelast dat maximaal 25 procent van de inkomsten van goede doelen naar fondsenwerving mag gaan. Sommige organisaties beweren zelfs dat maximaal een kwart aan alle kosten besteed wordt. In de meeste gevallen gaan de verkapte BV’s creatief om met de toebedeling aan kostenposten, en worden fondsenwerving en voorlichting moedwillig verward. Een straat(z)werver die een PR-riedeltje afdraait ten behoeve van een potentiële donateur wordt onder voorlichting geschaard. Zo beschouwd is die werfster van het AIDS Fonds waar ik een tijdje mee gescharreld heb gewoon een sloerie (opgepikt op de hoek Heiligeweg/Kalverstraat, dé liefdadigheidstippelzone van Amsterdam lijkt me) want voor voorlichting op hiv-gebied was ik veel te oud. De dubieuze boekhouding van goede doelen is relatief makkelijk aan het licht te brengen zonder dat je Peter R. de Vries heet. Om de boel iets schimmiger te maken gaan goede doelen daarom allianties aan. De grootste daarvan is de SHO (Samenwerkende Hulp Organisaties), maar ook partnerorganisaties buiten de landsgrenzen (geen keurmerk aldaar, voilá!) zijn populair.
‘Kanker, da’s een gouden business. Stap dáár in. Kanker is booming!’
Als een joint-venture niet werkt kun je als hulporganisatie zijnde altijd nog een BN-er voor je karretje spannen. Het imago van beroemdheden staat praktisch gelijk aan een merk en is dus bijzonder gevoelig voor de publieke opinie. Om vervelende effecten van de waan van de dag in te dammen laten communicatiedeskundigen hun keurkorps opdraven op tal van verschillende bijeenkomsten waar door middel van enig charismatisch gezag dat een BN-er toegeschreven wordt, gepoogd wordt geld los te weken voor het goede doel. De benaderde BN-er pleegt dan overleg daarover, samen met zijn communicatiedeskundigen die hem er bijvoorbeeld op kunnen wijzen dat kinderen veel beter scoren dan bejaardenleed. Je ziet het een imagospecialist al verzuchtend opmerken tegen zijn clièntele. ‘Kanker, da’s een gouden business. Stap dáár in. Kanker is booming!’. Ali B. is in het werldje al bekend als de meest sponsorgeile schandknaap van de goede doelen-gepetto’s. Alle kleuren van zijn polsbandjes vormen tezamen dan ook een regenboogvlag en dat is geen toeval. Het spel leidt er uiteindelijk toe dat elk prominent sujet in de samenleving zijn windowdressing beter vorm kan geven. Aan de hand van de publieke opinie (die weer bespeeld wordt door mediahypes, me dunkt althans dat de ijskappen ook al smolten toen Al Gore in Florida nog op zoek was naar gestolen stemmen) wordt dus geef- en werfgedrag van sterren bepaald, van Holywood tot de Gooise matras.
Door deze poppenkast kijken wij maar mondjesmaat heen. Het is eigenlijk dramatisch slecht gesteld met goede doelen qua transparantie en qua effectiviteit, en niet in de laatste plaats de kennis ervan. We hebben geen flauw benul waar onze pecunia naartoe gaan, maar we flikkeren er een keurmerk op, lezen dat (en we zagen dat het goed was in al onze wijsheid), trekken het af van de belasting want die worden toch niet zinnig besteed, en houden onszelf in de waan dat we een bijdrage wereld aan een (ahum) veiliger, liefde- en zinvollere wereld voor de minderbedeelde medemens dan wel -dier. Het leeuwendeel van het opgehoeste bedrag verdwijnt aan de welbekende strijkstok: loonkosten van het bureaucratische deel van ontwikkelingsorganisaties die naar westerse maatstaven betaald moeten worden, niet in de laatste plaats flyeraars annex geüniformeerde bedelaars op straat met een collectebus, dikbetaalde schnabbelende sporters en als klap op de vuurpijl een dikke auto onder de toges van de CEO van Goede Doelen BV, die naar eigen zeggen natuurlijk Darfur de winter doorhelpt. Hoe langer hoe meer je dan denkt dat we Afrika beter kunnen laten verrekken. De volgende keer dat een goed doel me voor 25 euro een prothese wil aannaaien voor een Angolees landmijnslachtoffertje leert dat joch maar hinkelen.
Misschien moet ik João uit Luanda zijn prothese niet misgunnen en leidt het boycotten van grootschalige goede doelen uiteindelijk nergens toe, maar de vraag blijft hoe ontwikkelingsprojecten dan wél effectief van de grond kunnen komen. Er zijn alternatieven voorhanden die aanmerkelijk kleinschaliger zijn dan de veredelde multinationals die niet allemaal bij name te noemen zijn in dit artikel. Er bestaan websites voor afgestudeerde ondernemers uit derde-wereldlanden die (heel stereotiep) zonder geld zitten. Ze doen hun verhaal, hebben een business-plan geschreven en online gezet om interesse te kweken van donateurs. Belangstellenden kunnen bepalen hoeveel ze investeren (niet doneren) en als het zich uitbetaalt krijgt de gever het geld terug, als de zaak op de fles gaat is het geld helaas kwijt. Dit is een eerlijker manier van (jawel) zakendoen dan de moderne schuldgevoel-aflaat waar een scala aan liefdadige multinationals zich mee bezighoudt. Goede bedoelingen van mensen die zich andermans lot aantrekken zijn door deze instellingen verbasterd tot een vorm van handeldrijven die net zo in de Matrix-greep gehouden wordt door commercie als bijvoorbeeld de mode-industrie. Misschien dat de rode pil hem dan schuilt in de kracht van kleinschaligheid. Arme Ali B.

July 7th, 2008 at 7:11 pm
INDERDAAD INDERDAAD INDERDAAD! Achter deze hele scene kwam ik toen ik werkte voor een callcenter waar ik voor verschillende goede doelen geld heb verzameld..
De manier waarop het gedaan moest worden, was inderdaad zeer commercieel met targets etc… De vervreemding van het goede doel door de commercie/marktwerking ervan…
Bizar genoeg is dit werkelijkheid. Ik steun op dit moment alleen het UAF, een organisatie die vluchteling-studenten ondersteund bij het betalen en regelen van een studie in Nederland. Daarnaast ben ik over het algemeen vrijgevig op straat, en probeer mensen die strugglen te ondersteunen. Liefdadigheid door een maandelijks bedrag te geven aan zo’n filantropische instelling, is naar mijn idee geen echte integere liefdadigheid. De vraag is dan hoe kan een goedwillende Nederlander zich inzetten om met zijn/haar gebudgeteerde opgespaarde centjes in te zetten om het leven in de “de 3de Wereld” een stuk minder zwaar te maken?
Ik denk dat dat een vorm van keuzes maken is. Steun je Unicef, dan weet je dat iedere euro in duizend stukjes gedeeld wordt, en op iedere plek van de aarde terecht kan komen. Steun je een specifiek project van een kennis van een kennis van je buurmans oom die bijvoorbeeld een speciale band met Ghana heeft opgebouwd, kan je veel beter volgen wat met jouw euro’s is gebeurd.
Ik denk dat de liefdadigheid schuilt in zelf concrete hulp verschaffen aan mensen om je heen die dit nodig hebben. Geld geven aan een goed doel, om daar een goed gevoel aan over te houden, lijkt voor mij een beetje op de tickets naar de hemel die de Rooms-Katholieke kerk in de middeleeuwen verschafte.
Bless it Pieter! Welkom bij Straat Politiek
July 18th, 2008 at 4:39 pm
Als je in je achterhoofd houdt dat het eerste jaar van het geld dat je aan een goed doel geeft, dat je via straatverkopers of callcentermedewerkers is aangepraat, sowieso gebruikt wordt om de betreffende persoon te betalen, bedenk je je sowieso wel twee keer voor je hier aan begint.
Ik geef ook de voorkeur aan kleine persoonlijke projecten en dan nog het liefst eentje waar mensen die ik ken en vertrouw persoonlijk bij betrokken zijn.
July 22nd, 2008 at 10:53 pm
Het is weer het bekende verhaal. Dingen gaan niet helemaal goed, dus zijn ze VERKEERD. Een ellenlang zeurverhaal erover schrijven verbetert deze hele situatie natuurlijk totaal niet, dus wat nu? Is onderschrijven dat mensen iets doen voor hun gemoedsrust soms goed voor jouw gemoedsrust?
Natuurlijk, sommige dingen (organisaties, instituten) zou je misschien beter gewoon van de grond af opnieuw kunnen opbouwen. Misschien moeten we wel helemaal niet meer doen aan ontwikkelingshulp terwijl we intussen deze ontwikkeling tegenhouden met allerlei handelssubsidies. Maar uiteindelijk is jouw mening hierover volledig irrelevant tot het moment dat je zelf iets te zeggen krijgt over deze organisaties.
Intussen kan je gewoon geen geld geven (simpel genoeg, lijkt me) en je creativiteit inzetten voor constructievere gedachtengangen. Het is maar een idee…
July 24th, 2008 at 8:41 pm
Is het niet arrogant om te eisen dat van die ene 1% van je inkomen die jij geeft (of nu dus niet geeft) aan armoede bestrijding eist dat daar (bijv.) minimaal 100 kinderen van moeten worden gered? Als een procent van die ene euro die je geeft terechtkomt bij iemand die het nodig heeft dan is dat toch genoeg? En als je een organisatie weet (bijv. kleinschalige organisaties) die jouw euro beter kan besteden, dan geef je het toch lekker daaraan. Dan verdwijnen die ineffectieve organisaties vanzelf (of dan hebben ze in iedergeval geen geld meer). Dankzij die schandknaap van een Ali B en die ontzettend zielige kinderen geven veel mensen veel meer aan goede doelen (en komt er uiteindelijk dus toch iets meer geld terecht bij die zielige kinderen, hoewel je gelijk hebt dat dit veel meer geld zou kunnen zijn).
In reactie op Robert. Tuurlijk werken goede doelen met targets, managers, enz.. Dat komt omdat je alleen op die manier (effectief) dergelijke enorme organisaties kan runnen. Het ego van veel mensen (mijzelf inclusief) is te grote om in zo’n anonimiteit toch nog vrijwilligers werk te doen, dus bijv. vrijwillig call center werk doen. Daarom word jij er ook voor betaald!
In reactie op Robin een oud Hollands spreekwoord: ‘de pot verwijt de ketel dat hij zwart is.’
Met liefde,
Harm
Met liefde,
Harm
July 25th, 2008 at 6:29 pm
Anders herhaal je precies wat ik post en ga je me daarna nog eens lopen verwijten, met liefde nog wel…of refereerde je naar jezelf?
Tot zover de gezelligheid, maar even voor de duidelijkheid: ik vond de gedachte die Pieter(?) hier verwoord herkenbaar en wou erop wijzen dat het nog verre van een werkbare conclusie is. Nu kan Pieter daar wat mee doen, itt de organisaties waar hij dan weer tegen afgeeft. Ik verwijt niemand iets.