Ik schrik me een hoedje
Dit is een reactie op het artikel van Peter Breedveld – een Stortbak van Gedachten
Beste Peter,
Ik heb een stortbak van gedachten gelezen en ik moet eerlijk zeggen dat de boodschap van straatpolitiek niet goed is overgekomen. Het lijkt nu alsof het alweer een blog is die uiteindelijk op de stapel eindigt, terwijl straatpolitiek een serieus project is. Bedoeld om (uiteindelijk) een breed publiek te voorzien van een intellectuele en kritische kijk op de maatschappij, gebracht door meerdere personen die van toegevoegde waarde willen zijn. Vanuit ervaringen op micro-niveau werken we naar problemen en structuren op macro-niveau. Waar straatpolitiek zich in onderscheidt is dat deze zaken niet in een taal gesproken wordt die niemand begrijpt of nergens toe leidt, zoals bij politici. Het gaat ook geen richting op die de belangen van bepaalde personen of groepen behartigt, wat te veel voorkomt in de (door bedrijven gerunde) media. De stijl is fris en niet zo cynisch als vele columns die tegenwoordig in kranten en tijdbladen te lezen zijn. We hebben sterke argumenten geleverd die ons recht aan doen, voor het recht dat ons ontnomen werd op de momenten dat die zaken voorkwamen. Dat recht claimen we met straatpolitiek.
het Recht om Gehoord te Worden
Een fundamentele waarde van democratie. En ik hoor zoveel over het vrije woord, maar (relatief) weinig mensen maken er gebruik van. We laten ons leiden door “experts” en columnisten en geven ze autoriteit. We vergeten dat we een intellect hebben gekregen om zelf na te denken en zelf te spreken. Want als jij niet spreekt doet niemand het voor je. Door niet meer zelf na te denken en te participeren wordt het intellect gedwongen te categoriseren. Daarmee is de eerste stap gezet naar vooroordelen. Je stelde ons de vraag: waar wij onszelf zouden plaatsen. Het feit dat wij onszelf moeilijk te plaatsen vinden is omdat we geen vooroordelen hebben. We willen geen grenzen aan ons zijn opleggen. We zijn bij elkaar gekomen omdat we elkaar juist niet plaatsten. Robert is Robert en een ieder is wie hij is. Die bewuste keuze om geen categorie of etiket toe te eigenen aan de personen die we kennen brengt ons op dezelfde pagina in hetzelfde boek. Dat boek gaat mede over het probleem van categoriseren en vooroordelen en dat is van grote invloed geweest op de totstandkoming van straatpolitiek.
Als we het hebben over straatpolitiek en het uiteindelijke doel ervan is het moeilijk te beschrijven en voor ons nog niet helemaal duidelijk. Misschien zijn we daar niet specifiek in geweest, maar de betekenis van straatpolitiek is een argument ‘an sich’. Het klopt inderdaad dat het nu een stortbak van gedachten is en dat verdiend een uitleg. Robert en ik zijn zo een beetje straatnomaden, oftewel meer buiten dan binnen en vrijwel altijd onderweg. Net als velen wanneer je constant op straat bent (in de stad, buurt, bus, tram of metro) maak je altijd wat mee. En als je een participerende burger bent, dan ontstaat er genoeg om je druk over te maken. Een van de eerste dingen die mij opvalt op straat is de tegenstelling met wat je op televiesie (tell-a-lie-vision) ziet of van andere ‘experts’ te horen krijgt. Valse berichtgeving rondom “hangjongeren” om de politiestaat te bevorderen is slechts een klein voorbeeld. Daardoor accepteert de massa enigzins de inkrimping van de vrijheid, dankzij initiatieven als het preventief fouilleren. De zaken die we meemaken schrijven we op. Bepaalde uitspraken die door personen gedaan worden schrijven we op. Gesprekken die we voeren leveren zoveel schrijfstof op. Die anekdotes verwerken we in artikelen en geven daarmee een gezicht aan straatpolitiek en een reling om aan vast te houden voor diegenen die vinden dat de maatschappij van vandaag te snel probeert te "ontwikkelen." Straatpolitiek is een sterke brug tussen de straat en de intellectuele zijde van politiek. En die neemt de praktische zijde van de politiek (lees: de gevestigde orde) onder de loep. Wat daaruit komt zijn dingen die men of niet weet of niet wil zien. Voor diegenen die het wel willen zien kunnen er gebruik van maken. Daarom is straatpolitiek voor de woorden die je denkt maar niet hoort.
Invalshoeken
Je haalt op een gegeven moment een citaat van Robert aan waarin hij zegt dat wij uit een niet-academisch milieu komen. Echter, het verband dat je daar trekt ten opzichte van andere studenten klopt niet. Wij weten als geen ander dat er genoeg hard werkende studenten zijn en dat is dan ook zeker niet het onderscheid waar wij het over hadden. Het onderscheid is juist dat wij in onze opvoeding een hele andere mentaliteit hebben meegekregen dan veel mensen die we kennen, waardoor onze kijk op de maatschappij vanuit een andere invalshoek komt. Net zoals een ieder ander zich onderscheid van anderen door wie hij is geworden met de jaren. Ik heb veel ontzag voor de arbeiders die dit land groot gemaakt hebben en die het land nu groot houden, terwijl ze verwaarloosd worden door overheid, vakbonden en de media. We weten hoe zwaar het is om 5 á 6 dagen vanaf 6.00 uur zwaar fysiek werk te verrichten, decennia lang. Dat stimuleert ons om ook hard te werken voor ons geld en de waarde van arbeid in te zien en het niet te beschouwen als zomaar een bijbaantje. Daarbij moet ik zeggen dat ik in de belleggingswereld weinig heil zie in het oplossen van binnenlandse problemen. Die link heb ik dan ook niet zelf gelegd.
En als we het dan hebben over verschillen in denkwijze, kom ik die vaak tegen in discussies. De omgang tussen zogenaamde “autochtone” en “allochtone” mensen is zo veel beter dan dat de politiek of media je wil doen geloven. Veel mensen met wie ik discussies heb gehad over bijvoorbeeld Marokkanen hebben er niet eens een in de straat wonen. Ze hebben heel wat te zeggen over opvoedcursussen en internaten voor Marokkanen. Precies die mensen die het over allochtonen hebben, maar in hun dagelijkse omgang niet of nauwelijks te maken hebben met ze. Toch staat de mening klaar en bepaalt dat heel veel zaken, zoals de continue scheiding van rassen op straat. Dat is fout en is een zaak die ik duidelijk wil maken via straatpolitiek.
het Publieke Domein: de Straat
Straatpolitiek gaat over zoveel dat het bijna alles beslaat dat je maar kan bedenken als je het hebt over het publieke domein. Het publieke domein is niet van het Binnenhof, niet van de media, niet van de corporaties en niet van de onderwereld. Maar toch beheersen zij datzelfde publieke domein dat van ons is. Het is van ons allen en zo zouden wij ons moeten gedragen. Het gehele publieke domein hoort van de gewone man te zijn, maar het feit dat de gewone man onzichtbaar is getuigt van ons corrupte systeem. Straatpolitiek is dan ook een intellectuele en revolutionaire stroom waarin de gevestigde orde ter discussie gesteld wordt en het verhaal vertellen dat het echte probleem raakt. Geen partijpolitiek of symboliek kan het land redden, noch straatpolitiek ontkennen. Want politiek is van het publieke domein, gaat over het publieke domein en komt vanuit het publieke domein. Dus politiek is van de straat, gaat over de straat en komt van de straat. Dat is straatpolitiek.
Ik wil je wel echt bedanken voor de aandacht, want het is exposure en levert nu al veel reacties op. Ik hoop dat ik met deze reactie het artikel kan aanvullen en de kracht kan geven die wij met straatpolitiek proberen uit te dragen. En dank gaat uit naar Christoffer Krouwels die de prachtige foto’s heeft gemaakt.

May 26th, 2007 at 12:24 pm
Beste,
Mijn dank voor uw interessante stuk. Zelf kende ik ‘straatpolitiek’ niet, totdat ik het in de Ad Valvas las. Eerlijk gezegd ben ik wel blij met uw aanvulling op het artikel, aangezien ik na lezing van het artikel een ander beeld kreeg dan ik aanvankelijk verwachte.
Met alle respect, maar jullie werden een beetje als zielige nerdjes afgeschilderd, soort van. “Ze moeten ons altijd hebben”, zonder enig intelligente onderbouwing. Maar nu ik uw artikel heb gelezen, krijg ik meer het beeld wat ik aanvankelijk verwachte van het artikel.
Een zeer interessant initiatief; straatpolitiek.
Verder wil ik ingaan op wat u heeft vermeld over uw collega. Toen ik dat stukje las, trad er bij mij een beetje herkenning op. Ik heb een soortgelijke situatie ondervonden met een journalist van een krant waarvoor ik eens in de zomer schreef.
“Marokkanen dwingen respect af”, hoorde ik hem zeggen. Een oudere Hollandse man, stereotype journalist. “Hoe bedoelt u?”, vroeg ik, duidelijk van mijn apropos gebracht. “Dat weet je dondersgoed”, zei hij. “Neen, dat weet ik niet, anders zou ik het niet vragen”, antwoordde ik nu nog verbaasder dan eerst. “Dat weet je dondersgoed”, hield hij vol. “Neen, dat weet ik niet, anders zou ik het niet vragen”.
“Nou, Marokkanen dwingen respect af, ze moeten het maar verdienen”. Mijn spreekwoordelijke ‘belgha’ brak toen echt. Ik belandde in een verhitte discussie met deze heer, om tot de conclusie te komen dat hij eigenlijk geen Marokkanen kent, nou ja, los van de Marokkanen die hij op straat en in het nieuws ziet. “In de trein en op straatâ€, daar ziet hij dÃe Marokkanen. “Sorry hoor, maar ik krijg ook dingen naar mijn hoofd geslingerd, van Hollanders, als: ‘Rot naar je eigen land’, en ‘Kanker-hoer’, maar dat heeft geen effect op mijn nuancevermogenâ€. En zo ging de discussie voort.
Hij keek mij even aan en zei toen vervolgens: “Ja, jij bent natuurlijk een uitzondering”; man, ik kon toen niet meer… “Wat doet u geloven dat Ãk de uitzondering ben, en niet de raddraaiers? Denkt u echt dat de Marokkanen die studeren, werken, hun best doen om hoger op te komen in deze maatschappij überhaupt tijd hebben om buiten mensen lastig te vallen?”
“Nee, je hebt gelijk. Ik ken inderdaad geen/weinig Marokkanen van de elite”.
Ik was in ieder geval uitgesproken.
Mvg,
F.
May 26th, 2007 at 10:31 pm
Beste F,
Dank voor het betoog dat de spijker op de kop slaat.
Het moet gehoord worden dat volgens de terminologie de meerderheid van marokkanen als uitzondering op de regel wordt bestippeld. Het moet gezegd worden dat de uitzondering op de regel op enkele handen te tellen is. Soms als ik er bij stil sta dan vraag ik me echt af hoe het mogelijk is dat er zo een groot masker gebruikt wordt in het publieke domein om een bepaalde bevolkingsgroep af te schilderen als wilden. Persoonlijk neem ik het als een belediging en ik distantieer mij van elke definitie van Marokkanen die gebruikt wordt in het publieke domein. Ik distantieer iedere Marokkaan van die definities, want ze zijn onjuist. Het maakt niet uit over welke bevolkingsgroep je spreekt, overal zijn raddraaiers en overal zijn herrieschoppers en overal zijn asocialen en overal bestaat de overgrote meerderheid over aardige personen. Gezinsmensen, liefhebbende mensen. Niet anders dan jij en ik.
Het probleem wordt gecreëerd door illusies die geprojecteerd worden op beeldschermen en in kranten en vervolgens uitgesproken door mensen die (als je goed luistert) gewoon navertellen wat ze gehoord hebben. Dat is het echte probleem. De problemen die zich in de maatschappij voordoen kunnen alleen onderling opgelost worden. Zolang iedereen wacht op een overheid om de problemen op te lossen (wat ze niet zal doen) dan zullen de problemen zich alleen maar opstapelen en op de lange termijn o.a. blijven bijdragen aan de groei van de politiestaat. De mensen zelf moeten uit hun doppen gaan kijken en wat tijd aan hun hersens besteden. Dan zullen ze inzien dat alleen zijzelf de problemen op kunnen lossen.
Het woord integratie wordt er vaak bij gebruikt, echter wordt er maar van een kant verwacht aan te passen. Assimilatie doet meer recht aan deze onrechtvaardige eis aan een bevolkingsgroep die zich decennialang in de maatschappij heeft gestort. Een medaille heeft altijd twee kanten en het betoog van F heeft dat mede aangetoond.
AK
May 27th, 2007 at 1:03 am
Beste,
Vandaag tijdens een gezellig middagje door de markt lopen, hoorde ik iemand: “DÃt is geen Nederland, nee dit is geen Nederland! Waar is Nederland gebleven?!”, brommen. Daarbij doelend op de vele “allochtonen” (wat een afschuwelijk woordje) die op de markt waren. Ik had bijna de neiging in een cynische bui zoiets te roepen als: “Nee, dit is Marokko!”, of: “In de zomer vind je Nederland wel weer terug…”, of in ieder geval iets in die trant. Heb ik overigens maar niet gedaan.
Ik kan me echt helemaal vinden in uw tekst en was zelf ook een persoon die ‘de wereld wou verbeteren’, en die iedereen het ‘tegendeel’ wou bewijzen, wat natuurlijk absurd is; ik hoef me niet te verantwoorden voor andermans daden. Ik schreef veel, voor bijvoorbeeld kranten (een uitingsmiddel voor mij) en discussieerde veel met mensen over verscheidene onderwerpen – altijd vanuit een verdedigingspositie, waarin ik als het ware werd geduwd. Ik hield het nieuws vaak in de gaten en werd eigenlijk bijna depressief van de berichtgeving, met altijd hetzelfde muziektoontje.
Misschien fout van mij, maar ik heb dat allemaal zo een beetje losgelaten. Ik debatteer niet meer, waarbij ik telkens andermans daden moet verantwoorden, als ware het de mijne. Ik schrijf niet meer voor en over ‘het publieke domein’, ik volg het nieuws eigenlijk ook niet meer. Ik heb dat allemaal losgelaten; het doet er voor mij allemaal niet meer toe, denk ik. Ik ben me meer gaan richten op de dingen die voor mÃj belangrijk zijn: Mijn religie, mijn familie, mijn studie, mijn dagelijkse werkzaamheden. “Dit leven is te kort om je om alle dingen druk te maken. De wereld kun je niet op jouw schouders dragenâ€, kreeg ik als advies. En zo heb ik mijn rust weer hervonden. Ik voel me nu zoveel beter, dan hiervoor.
Natuurlijk doet het mij heel veel pijn als ik de berichtgeving zie over bijvoorbeeld Marokkanen, natuurlijk doet het mij pijn als ikzelf, of een lotgenoot een baan niet krijg(t) omwille van mijn (diens) achtergrond, natuurlijk vind ik het héél rot om van die gemene opmerkingen op straat te krijgen, van mensen die mij niet eens kennen! Ja, dat allemaal. Toch heb ik het losgelaten, want het is zoveel om in jouw eentje te kunnen dragen.
Heel zwak, maar soms ‘weet ik het gewoon niet meer’.
F.
May 27th, 2007 at 1:32 am
Beste F,
Wat betreft je inzicht dat de wereld niet te verbeteren is maak ik mij geen illusies over. De structuren zijn zo geincorporeerd dat een individu geen verschil kan maken.
Wat je kunt doen is voor God, jezelf en je omgeving. En de boodschap die je kan uitdragen aan een ieder is slechts dat te doen. En een ieder die er iets van opsteekt of die anders nadenkt zal dan een grootse aanwinst zijn. Probeer je velen te bereiken en luisteren er een paar, dan is jou boodschap niet aangekomen. Als jij enkelen aanspreekt en een paar luisteren, dan is de boodschap heel goed aangekomen.
En vanuit het perspectief dat je alleen dat kan doen wat op je pad ligt is dat een hele prestatie. Daarom moet je het niet loslaten want jou ontwikkeling mag niet stilstaan. Je hoeft een blinde niet te overtuigen dat je zwart haar hebt, want dat lukt toch niet. Maar je kan een slechtziende wel een bril aanraden.
Dat ben ik en dat maakt me sterk. En ik weet zeker dat jij dat ook kan. Want als je het even niet meer weet, dan ben je het even zat, niet zwak. Dus maak je niet druk. Maar ja, zoals je al zei, dat doe je al niet meer. Keep the faith
May 27th, 2007 at 1:56 am
Haha, thanks voor de opeppende woorden. Altijd blijven lachen, hè.
Ik las dat jullie ook nog opzoek waren naar mensen die artikelen op regelmatige basis zouden kunnen afleveren? Ik miste een “contact” knopje; but is it still on (dus voor dat schrijven)?
May 27th, 2007 at 2:46 am
Zoeken doen we op dit moment nog niet. Het is wel een kant waar we op willen gaan met straatpolitiek. We weten alleen nog niet hoe we dat gaan doen. We gaan binnenkort een soort van manifest schrijven voor straatpolitiek. Een onderdeel daarvan zal zijn de betrekking van andere schrijvers voor een bijdrage van tijd tot tijd. Of we dat doen met vaste mensen of roterend, in de vorm van een panel of als onafhankelijke schrijvers, we weten het nog niet precies. Je interesse is hoogst welkom en ik zou zeggen hou de website in de gaten voor updates (die zullen toenemen, dus ook organisatorisch) en spreek ons een keer aan op de VU. Herkenbaar zijn we allebei, dus je kunt altijd even storen als we staan te niksen.